Opbouw en constructie van een batterijmodule

Welke onderdelen zitten in een batterijmodule?

Een batterijmodule bestaat uit meerdere batterijcellen die in een gemeenschappelijk frame zijn geplaatst. De cellen zijn elektrisch met elkaar verbonden via zogenoemde busbars - geleidende strips die stroom tussen de cellen transporteren. Daarnaast bevat de module aansluitingen voor koeling, sensoren voor temperatuur- en spanningsbewaking, en een communicatieverbinding met het BMS van het voertuig.

 

Het frame van de module biedt mechanische bescherming tegen trillingen en schokken, wat essentieel is in de zware transportomgeving van een vrachtwagen. De behuizing is doorgaans vervaardigd uit aluminium of staal, afhankelijk van de gewichts- en stevigheidseisen.

Hoe zijn de cellen in de module geschakeld?

De cellen in een module kunnen in serie worden geschakeld - wat de spanning verhoogt - of in parallel, wat de capaciteit vergroot. In de praktijk worden beide schakelingen gecombineerd om de gewenste spanning én capaciteit te bereiken. De exacte configuratie hangt af van de chemie van de cellen en de specificaties van het voertuig.

 

Bij Scania BEV-vrachtwagens worden NMC-cellen gebruikt. Deze cellen bieden een hoge energiedichtheid, wat het mogelijk maakt om een grote hoeveelheid energie op te slaan binnen het beschikbare ruimte- en gewichtsbudget van het voertuig.

Wat is de rol van koeling in de module?

Temperatuurbeheersing is een van de kritische functies van een batterijmodule. Cellen presteren het best binnen een bepaald temperatuurvenster en degraderen sneller bij te hoge of te lage temperaturen. Modules zijn daarom voorzien van koelkanalen of koelplaten waardoor vloeistof circuleert. Het BMS stuurt dit koelcircuit aan op basis van de gemeten celtemperaturen, zodat elke module altijd binnen het optimale bereik blijft.

Gerelateerde begrippen

Even verder sparren over dit onderwerp?

Mirjam denkt graag met je mee. Laat je gegevens achter, dan belt ze je terug binnen 5 werkdagen.

Lees meer over e-Mobility